Februari 2011

Een dik, indrukwekkend uitziend boek, een boek dat bijna iedereen zou afschrikken als te academisch: De vrouw zonder lichaam (616.8 SAC), ‘Alle verhalen uit de praktijk’ van de beroemde neuroloog dr. Oliver Sacks. Het titelverhaal is maar een van de vele, hij behandelt hier de ziektegeschiedenis van elke belangwekkende patient die door zijn handen is gegaan. En het wordt al snel duidelijk dat deze dokter ook al doende leerde, want hij kwam steeds weer unieke gevallen tegen waar psychiaters geen kant mee op konden, die al helemaal opgegeven waren.

Ongelofelijk wat er allemaal verkeerd kan gaan in de menselijke hersenen en wat een variaties er ook kunnen zijn aan ziekten en kwalen die vaak onder 1 noemer geschoven worden. Sacks laat zijn patienten tekenen, hij observeert en soms komt er opeens iets naar voren dat alle andere dokters over het hoofd hebben gezien en dan kan hij dat behandelen. Er spreekt een enorme liefde en belangstelling voor zijn patienten uit dit boek en ja, het is nogal medisch-technisch, maar zelfs voor een leek goed te begrijpen en als het al te ingewikkeld wordt sla je gewoon een stukje over. Ik was eerst van plan het eens in te kijken, maar betrapte mezelf erop dat ik het niet weg kon leggen.

Het tweede deel van het boek gaat over Sacks’ reizen naar Micronesië, naar de eilanden waar bepaalde neurologische kwalen heel veel voorkomen. Behalve dat het medisch gezien heel interessant is, leest dit deel ook als een soort reisverhaal, vol details over de natuur en het leven op die atols.

 

Dorsvloer vol confetti (TREU) het eerste boek van Franca Treur kwam uit in september 2009 en beleefde in maart 2010 al de zestiende druk. En geen wonder, want het is echt een in-een-adem-uit boek in een meeslepende verteltrant. Het in het verhaal van het jonge meisje Katelijne, dat in de tachtiger jaren van de 20e eeuw opgroeit in een streng gereformeerd boerengezin op Walcheren, als enig zusje van zes broers. Ze laat zich trouw indoctrineren door ouders, oma, school en dominee, het keurslijf wordt steeds strakker aangetrokken. Er komt af en toe wel een vage twijfel op, maar Katelijne is nog niet op de leeftijd om echt vragen te stellen, al kun je merken dat dat later wel zal komen. Voorlopig blijft het bij schuldgevoelens na onschuldige tieneruitspattingen.

Franca Treur schetst een prachtig beeld van het boerenleven op het Zeeuwse platteland, tot in de kleinste details beinvloed en beheerst door de koeien en de kerkelijke dogmas. Ik ben heel benieuwd naar haar volgende boek!

 

Van Hella Haasse vond ik een klein ‘tussen-neus-en-lippen’ boekje dat me nog niet eerder was opgevallen. Toen ik schoolging (HAAS), gewoon autobiografisch over haar schooltijd. Wat deed dat me bekend aan, dat zwerven van school naar school omdat je vader weer eens overgeplaatst werd of je ouders met lang verlof gingen. Ik zelf werkte tien scholen af, kleuterschool niet meegeteld. Een ervan, die in Hella’s vooroorlogse tijd Bataviaasch Lyceum heette, en in de vijftiger jaren toen ik er zelf eindexamen deed was afgekort tot CAS (Carpentier Alting Stichting) staat zelfs op een foto. Zoveel herkenbaars in de manier van leven en kleden, ondanks een tijdsverschil van twintig jaar. Zo’n foto als van Hella in kimono met een grote strik in het haar heb ik van mezelf ook! Echt heel leuk om op deze manier even wat herinneringen op te halen.

 

Een boek als Koud-Zuid (MEIJE) kan Ariane Meijer natuurlijk nooit serieus bedoeld hebben, ondanks het feit dat ook hier weer ‘literaire thriller’ op staat. Het is noch literair, noch spannend, doet aan als een persiflage van dezelfde soort als Jort Kelder pleegt in zijn tv-programma ‘Bij ons in de P.C.’. Rijkgeworden Nederlanders aan de kaak stellen door te laten zien wat ze met al dat geld doen, hoe het als water door hun vingers loopt, en hoe ze soms wegkomen met – letterlijk – moord.

Donia’s man Gidon wordt op een terras doodgeschoten door een voorbijrijder. Hij is weliswaar haar grote liefde geweest, maar het eerste dat Donia doet is gaan winkelen om een jurk voor de begrafenis te kopen. De politie blijkt niet erg actief naar de moordenaar te zoeken, maar Gidons partner is wél heel erg op zoek naar het codewoord voor zijn computer. Hierbij loopt Donia zelf gevaar en uiteindelijk wordt haar dochter zelfs gekidnapt. Er beweegt zich een ongelofelijk aantal duidelijk onbetrouwbare figuren in haar sociale kring, die geen van allen op veel goeds uit zijn, maar niettemin stort Donia om de haverklap haar hart uit bij zoiemand, elke keer met rampzalige gevolgen. Er wordt ook onwaarschijnlijk veel gedronken, men maakt flessen vol dure wijn soldaat op de gekste tijden van de dag. Dan gaat de weduwe zelf aan het speuren, vindt het codewoord, krijgt haar dochter vrij en uiteindelijk leven zij allen nog lang en gelukkig, de moordenaar en al. Zoals ik al opmerkte, dit kan alleen maar hekelend bedoeld zijn – hoop ik. Het grappige is dat het heel onderhoudend is, maar dat zijn die programmas van Jort ook.

Het speelt zich trouwens af in dezelfde omgeving.

 

Ik vond bij het opruimen van onze geschiedenisafdeling een aantal interessante boekjes. ‘Wat nu?’, zei Pichegru (949.205AMS) was er een van. Een gevleugeld woord is dat, hoeveel van ons zeggen dat niet af en toe, vooral bv. aan de bridgetafel? Maar hoeveel weten er ook waar die zin vandaan komt?

Nou, van de Franse generaal Pichegru dus, die Holland in de strenge winter van 1794 innam voor de Fransen, door ijskoud met zijn leger over de bevroren rivieren binnen te wandelen. Dezelfde rivieren die zijn voorganger tegengehouden hadden. Stadhouder Willem V vluchtte spoorslags naar Engeland en de achtergebleven Hollandse ‘regering’ betaalde honderd miljoen gulden (!) om een zekere zelfstandigheid te mogen houden. Niet dat de Fransen zich daaraan hielden: ze pleegden in 1803 nogmaals een invasie en in 1806 nam Napoleons broer Lodewijk als de allereerste koning van Nederland zijn intrek in Huis ten Bosch in Den Haag. De ‘Franse tijd’ noemen ze dat, geen wonder dat er zoveel Franse invloeden in onze taal geslopen zijn.

Judith Amsenga en Geertje Dekkers schreven een aardig boekje over deze tijd, waarin ze niet alleen alle gebeurtenissen overzichtelijk op een rijtje zetten, maar allerlei interessante anecdotes vertellen. Op die manier worden die verre voorouders levende mensen die streden voor hun land (of verraad pleegden, dat gebeurde ook, de rol van de ‘patriotten’ doet mij niet echt plezierig aan) en ook Lodewijk en Hortense, pionnen op het schaakbord van broer Napoleon, worden mensen van vlees en bloed. Ook weer zo’n boekje waarin veel oude schilderijen het verhaal illustreren.

 

Advertenties

Tags: , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s