Mei 2012

Suzanne Vermeer, die al een paar spannende boeken op haar naam heeft staan, komt deze keer met het verhaal van Bibi, die door haar ouders naar een luxe-vakantieoord voor kinderen wordt gestuurd. Niet om van haar af te zijn, maar omdat de gewone vakantieplannen door ernstige ziekte van een familielid niet door kunnen gaan, de au-pair juist teruggaat naar Zweden en ze zelf belangrijke banen hebben. Het is allemaal goed bedoeld, maar het pakt verschrikkelijk uit, want na een paar dagen krijgen ze een telefoontje: hun dochtertje van negen is spoorloos verdwenen. In Zomertijd (VERM) kunt u lezen hoe de ouders reageren, wat de politie doet, hoe er een privé detectivebureau wordt ingeschakeld en daar tussendoor wat er precies met Bibi gebeurt. Geloofwaardige karakters en een o zo begrijpelijk verdriet van de ouders, terwijl vooral de moeder voor een onmenselijk dilemma wordt geplaatst. Inderdaad een echte thriller.

En dan ontstaat er opeens opschudding in de Nederlandse boekenwereld: schrijver Paul Goeken sterft eind juni 2011 op 48-jarige leeftijd en het blijkt dat hij de schrijver is die zich Suzanne Vermeer noemde. Uitgeverij Bruna heeft samen met hem dit geheim bewaard, maar wil hem nu posthuum toch de eer geven. Geen wonder dat alle interviews altijd strikt per mail gingen; voor de auteursfoto was een model gebruikt. Jammer dat er nu geen Vermeerboeken meer zullen verschijnen!

 

Marian, Natasja en Dominique, twee vrouwen en een jong meisje, ze kennen elkaar niet, maar ze zijn alledrie in de ban van Jack Westra. Jack is verdwenen, ze missen hem, ze begrijpen niet waar hij gebleven kan zijn, ze gaan kijken in zijn schildersatelier, een van ze waarschuwt de politie zelfs en reist naar New York op basis van een enkel telefoonnummer. In Zonder (NOBE) vertelt Elizabeth Nobel in kleine hoofdstukken beurtelings de ervaringen van de drie vrouwen, waardoor ook hun privéleven uit de verf komt. Drie heel verschillende karakters, die elkaar uiteindelijk vinden en leren begrijpen. Pas op een van de laatste bladzijden komt Jack nog even tevoorschijn.

 

Joost Zwagerman houdt kennelijk niet van halve maatregelen. Een bezig man, die Joost. Hij schrijft zelf goede boeken, bespreekt voor tv elke maand op onderhoudende wijze schilderijen en nu heeft hij ook nog tijd gevonden om een – zeer lijvig – boek samen te stellen dat De Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 60 lange verhalen (DE NED) heet. Maar het staat niet bij de literatuur, u kunt het gewoon bij de romans vinden, de inhoud is dus ook geen non-fiction. Joost heeft veel gelezen (constateer ik) en zestig novellen uitgekozen, volgens hem de beste die er geschreven zijn. Toegegeven, sommige zijn wat verouderd, maar het zijn wel stuk voor stuk klassiekers. Het kan heel goed zijn dat u er een aantal al van gelezen hebt, want ze komen vaak in bundels van de betrokken schrijvers voor en natuurlijk is het zelfs van Joost niet de bedoeling dat de lezer alle ruim 1500 bladzijden achterelkaar gaat verslinden, maar zo te hooi en te gras een verhaal, dat is heel goed te doen. Er staat bv een verhaal van Maria Dermoût in, dat in haar verzameld werk niet te vinden is. Een boek om eens rustig mee naar huis te nemen, te lezen wat van uw gading is en dan – desnoods de andere helft ongelezen – gewoon weer terugbrengen. Niet schrikken van de omvang: het hóeft niet allemaal; of van het gewicht: leg het op een kussen op uw schoot en het gaat best.

 

Nelleke de Winter is politieinspecteur in de Achterhoek. De dingen gaan op het bureau niet helemaal zoals het moet en ook in haar privéleven zit een en ander niet echt lekker, maar Nelleke doet haar best om alles op z’n plek te houden. Als alles teveel wordt gaat ze hardlopen om energie op te bouwen. Dat klinkt mij niet logisch in de oren, maar voor hardlopers is het blijkbaar een heilig moeten. Dan wordt er een vrouw vermoord en het team moet dat uitzoeken, met de extra complicatie dat de hoofdcommissaris dadelijk ‘weet’ wie de dader is, terwijl dat dan natuurlijk niet waar is. Hoofdcommissarissen in boeken zijn nooit de beste speurders, je vraagt je altijd af hoe ze op die post beland zijn. Hoe Nelleke redeneert en hoe haar team haar daarbij helpt staat te lezen in Corine Hartmans boek Tweede Adem (HART). Gewone mensen in een heel herkenbare, mooi beschreven omgeving. Toch eens naar de Achterhoek gaan en al die leuke plaatsjes bekijken.

 

Ook in de Achterhoek speelde zich het oorlogsverleden af van Lies, de moeder van Puck. Als Lies sterft hoort Puck bij de crematie dingen waar ze nooit van geweten heeft en niemand blijkt erover te willen praten. Het zet haar aan het denken over haar eigen verleden, haar verhouding met haar ouders en speciaal haar moeder en uiteindelijk gaat ze ook op zoek naar mensen die haar moeder in de oorlog gekend hebben. Lies was actief in de verzetsgroep Trouw, waar later de krant uit ontstond, en langzaamaan komt Puck te weten wat haar moeder allemaal gewaagd – en verloren – heeft in de oorlog en begint ze sommige dingen beter te begrijpen. Ellen van Bruggencate heeft Weg van mijn Moeder (BRUG) geschreven als een ‘autobiografische roman’. De familierelaties, het heden en het verleden vertelt ze sober en gevoelig: echte mensen met sympathieën en antipathieën, en vooral de laatste worden steeds meer verklaard door de zoektocht naar het verleden. Ik las het achterelkaar uit.

 

Hoewel er een misdaad gebeurt in De Heining (LOY), heeft Jan van Loy er geen politieroman van gemaakt, de misdaad wordt niet eens opgelost. Op de achterkant wordt het ‘een moderne fabel’ genoemd, ‘over de angst van de mens voor de ander’. Een beetje wrang is dat wel voor Zuid-Afrikaanse lezers, want het boek beschrijft een realiteit waar we hier al jaren mee leven. Waar je een gated community (in het boek niet cursief en niet tussen aanhalingstekens, dus zo ingeburgerd is die term toch al wel) in Nederland – of België, dat is niet helemaal duidelijk – blijkbaar naar het rijk van de fabeltjes kunt verwijzen, wonen we hier en masse op die manier. De heining, de bewaakte toegangspoort, de camera’s en de privé postbode, ze zijn er allemaal, maar in dit boek wekt dat alles de wrevel van het naburige dorp op: men vindt het abnormaal. De hoofdpersoon en zijn vrouw gaan er wonen en maken kennis met alle regeltjes en eigenaardigheden van een dergelijke gemeenschap, normaal als je zelf in zoiets woont, pas bevreemdend als je het zo leest, als het bijna gepersifleerd wordt. Ondanks de duistere dingen die er gebeuren is het een vrolijk boek. Jan van Loy heeft er kennelijk plezier in er een potje van te maken en ik denk dat men het ook in dat licht moet lezen.

 

Opgewekt commentaar op het dagelijks leven in Nederland, dat is waar Aaf Brandt Corstius zich mee bezighoudt. Ze schrijft columns in nrc.next en Dan ook maar meteen een jurk aan (BRAN) is daar een bundel van. Haar eigen doen en laten komt er regelmatig in aan bod. Wat me altijd opvalt bij Aaf, is dat ze zo helemaal niet hysterisch is, dat ze nuchter en logisch kan denken en dat ze graag de wereld van de journalistiek, waar ze zelf onderdeel van is en qua familie zowat aan geparenteerd, een beetje op de hak neemt. Als ik in Nederland woonde kocht ik die krant vast alleen om haar.

Advertenties

Tags: , , , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s