September 2016

Huwelijksvoorwaarden

Je zou kunnen zeggen dat Huwelijksvoorwaarden (DASW) een luchthartig boek is over een ernstig onderwerp. Het Indiase meisje Anju moet nl. aan de man, maar er is geen geschikte te vinden. In een traditie van gearrangeerde huwelijken, liefst zo jong mogelijk – al is het tegenwoordig iets later dan de 10-12 jaar van twee generaties geleden – is het een schande als je op je vierentwintigste nog ongetrouwd bent, maar een regelrechte ramp als je boven de dertig komt. Elke man die maar in de verste verte in aanmerking komt wordt haar aangeboden, er is af en toe een bezoek-met-ouders-erbij, maar óf Anju vindt ‘t niks, of de man blijkt in het buitenland een blank (vréselijk!) vriendinnetje te hebben, er is altijd wat. Anju wil graag trouwen, ze wil heel graag alles doen om haar ouders gelukkig te maken en ze staat voor 100% achter het idee van een gearrangeerd huwelijk. Al haar vriendinnen en nichtjes zijn inmiddels getrouwd, ze begint zich steeds ongelukkiger te voelen. En dan gaat Anju naar NewYork, studeert, vindt een baan en begint een heel nieuw leven. De wanhoop over de situatie, hoe de bezoeken aan thuis verlopen, de tradities rond verlovingen en bruiloften, en hoe het uiteindelijk afloopt, heeft Kavita Daswani vrolijk beschreven, en het is helemaal niet het niemendalletje geworden dat de plaat op de kaft doet vermoeden.

 TotOpHetBot

Kijk eens naar Tot op het bot (070.44 LIN), het boek vol interviews door Frénk van der Linden. Ja, ik weet dat het een ontmoedigend dikke pil is van meer dan 700 bladzijden en dat het bovendien vrij oud is, interviews uit de tachtiger, negentiger jaren, met hier en daar een latere terugblik-reactie van de geïnterviewde. Maar je hóeft ze ook niet allemaal te lezen, er staat een register voorin waar je uit kunt kiezen. Ik las ze ook niet allemaal, er zijn veel mensen bij waar ik nog nooit van gehoord heb. Maar van der Linden is een enorm góeie interviewer en als je zo’n stuk begint te lezen wordt het interessant. En soms begin je ergens in de wilde weg en blijkt dat het gaat om een van de Molukse treinkapers uit 1975 en dat het volgende gesprek is met iemand die in die trein zat, en dat alles jaren nadat het gebeurde. En zo leer je weer een stukje geschiedenis dat je als expat min of meer ontgaan was. Ook André van Duin zal ik voortaan met iets andere ogen bezien, en zo is er voor elck wat wils, een andere lezer pikt er misschien weer heel andere figuren uit. Een beetje grasduinen mag best.

 HetNieuweLand

Voor haar boek Het nieuwe land – het verhaal van een polder die perfect moest zijn (307.2 VRI) bekijkt Eva Vriend de Noordoostpolder en de Flevopolder eigenlijk als een. Ze werden na elkaar drooggelegd en verkaveld, maar voor allebei golden dezelfde selectieregels en wat waren dié streng! Voor de Wieringermeer was er al een speciaal systeem geweest, daar had men van geleerd. Nu gingen ze het nog beter doen. De opa van de schrijfster kreeg een boerderij in de Noordoost, ze had als jong meisje zelf haar vader graag willen opvolgen, ze kijkt dus met kennersogen naar het hele proces. Temeer daar ze enorm veel onderzoek en speurwerk gedaan heeft, zelfs per ongeluk inzage kreeg in documenten die niemand had mogen zien. En de interviews met mensen die wel en mensen die geen boerderij hadden gekregen en vooral, wat het met je doet als je keer op keer afgewezen wordt. Het is geen boek om eens even vlotweg uit te lezen, maar het bevat wel veel menselijke details en het is een interessant kijkje in het soort manipulatie dat de Nederlandse staat hanteerde om die nieuw-gewonnen stukken land zo perfect mogelijk te bevolken en aan wat voor – bijna onmogelijke – criteria je moest voldoen om een boerderij te bemachtigen, er een arbeider te worden, of zelfs maar in de dorpen te mogen wonen. Omdat wij familieconnecties hebben met de Noordoost, maar daar als geëmigreerde verwanten het fijne nooit van gehoord hebben, vond ik het heel leuk om er eens gedetailleerd over te lezen.

 papegaaiIjssel

Dichtbij die polder ligt de streek waar Kader Abdolahs nieuwe boek speelt, de kop van Overijssel. In de tachtiger jaren wordt daar een aantal vluchtelingen uit het Midden-Oosten ondergebracht in de kleine dorpjes west van Zwolle. Het is een tijd dat men nog niet zo bang is om overspoeld te worden met wat men later allochtonen ging noemen, dus ze krijgen huisvesting en worden niet echt in de samenleving opgenomen, maar we degelijk vriendelijk geduld. Memed komt aan met zijn zieke dochtertje, maar ze is helaas ook door Nederlandse dokters niet te redden, ze sterft toch. Hij komt in Zalk te wonen, naast de beroemde Klazien – de Nederlandse Margaret Roberts, een kruidenvrouwtje van wie wij vroeger ook een boek op de planken hadden staan – dus tussen al die fictieve figuren kom je opeens een echt iemand tegen. Die vluchtelingen leren elkaar allemaal kennen, ze trekken samen op, houden vast aan hun tradities en hun Islam, maar ze doen er niemand kwaad mee en velen van ze sluiten ook vriendschap met Nederlanders. Hier en daar ontstaat er zelfs een liefdesverhouding. En de meesten leren de Nederlandse taal een beetje spreken. De vrouw Pari gaat zelfs een column in de Zwolse Krant schrijven en van haar eerste pogingen om zich in die vreemde taal uit te drukken (woordenboek ernaast!) weet Kader Abdolah natuurlijk alles uit eigen ervaring.

Abdolah beschrijft al die verschillende mensen zo liefdevol, legt uit waaróm ze handelen zoals ze doen, wat ze verkeerd begrijpen, waar ze bang voor zijn en hoe ze meestal toch langzaam tot op zekere hoogte integreren. En dan komt 9/11 en de plotselinge grote angst voor alles wat Moslim is en de houding van de Nederlanders verandert radicaal. Papegaai vloog over de IJssel (ABDO) is een waardevol boek, dat begrip kweekt voor al die vreemdelingen door hun manier van denken van binnen uit uit te leggen – en dat dan ook nog op zo’n vlot leesbare, poëtische manier.

 hetbearnaisesyndroom

Sylvia Witteman kan koken én schrijven, dus dat combineerde ze in Het bearnaisesyndroom (641.5 WIT), oorspronkelijk verschenen als kookcolumns ‘De Volkskeuken’ in de Volkskrant. Hoewel ik niet van plan ben er iets uit te koken, was het lezen ervan een groot plezier. Niet domweg recepten, maar echt een column met een heel verhaal en dan en passant nog even de bereidingswijze ook. Uitheemse dingen als hersenen, dat verhaal deed me meteen denken aan de verjaardagen van mijn vriendinnetje Kitty, gedurende de oorlog, waarbij ik te eten werd gevraagd en dan aten we vooraf hersenen, die in grote schelpen opgediend werden. Nooit begrepen waar die in zo’n hongerige tijd vandaan kwamen, maar ik vond ze doodeng en vies. Tuinbonen vond ik ook vies, maar dat heb ik volgens Sylvia gemeen met heel veel andere Nederlanders. Ook het titelverhaal over de bearnaisesaus bleek precies te kloppen: hoe mensen als ze ziek worden dat vaak associëren met wat ze het laatst gegeten hebben. Voor mij was dat een uitgebreide hors ‘d oeuvre, gegeten op de dag voor mijn allereerste zwangerschapsmisselijkheid. Overtuigd dat het daar van was gekomen wilde ik dat gerecht echt nooit meer eten. Sylvia komt zelfs met een suggestie voor zelf-mee-te-nemen eten voor in het vliegtuig, omdat wat er aangeboden wordt zo akelig is. Ze heeft dan zeker nog nooit met Emirates of Singapore Airlines gevlogen. Al met al is het gewoon een heel leuk leesboek geworden en die recepten neem je op de koop toe.

Advertenties

Tags: , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s